Historie: ‘Jabbeekse Cox’, ook ‘Jabbeekse Rode Cox’ genoemd, is een lokaal appelras uit Jabbeke. Het ras werd gecreëerd door de inmiddels overleden Willy Mahieu en wordt tegenwoordig opnieuw vermeerderd als onderdeel van het behoud van lokale Jabbeekse fruitrassen.
Vorm: Kleine tot grote boom, helemaal afhankelijk van de onderstam:
- M9 – Zeer zwak groeiend; kleine, compacte bomen die snel dragen, ideaal voor intensief/leivorm. Vruchten uniform, goed gekleurd en vroeg rijpend; vraagt voedzame bodem en steun.
- M26 – Zwak tot matig; compacter dan gemiddeld, vroeg en betrouwbaar dragend. Grote, goed gekleurde en suikerrijke vruchten; geschikt voor tuin/kleine boomgaard.
- MM106 – Middelmatig; grotere, stevige halfstammen met regelmatige opbrengst. Vruchten middelgroot tot groot, goede kwaliteit; breed inzetbaar.
- MM111 – Vrij krachtig; sterke, diep wortelende bomen, tolerant voor droogte/moeilijke grond. Later dragend maar stabiel; goede, goed bewaarbare vruchten.
- Antonovka (zaailing) – Zeer krachtig; grote, langlevende hoogstammen, traag startend maar robuust en productief. Vruchten grover, stevig en goed bewaarbaar; geschikt voor extensief/minder ideale gronden.
Vruchten: De naam ‘Jabbeekse Rode Cox’ verwijst naar de rode kleur van de vrucht. Het ras is een lokale Cox-selectie en wordt als afzonderlijke variëteit vermeerderd, naast de gewone ‘Cox’s Orange Pippin’. Betrouwbare, gedetailleerde gegevens over vruchtgrootte, vruchtvlees en smaak hebben we momenteel nog niet. We volgen dit verder op.
Rijptijd: Pluktijd: augustus.
Consumptietijd: Vanaf de pluk in augustus. Over de exacte bewaartijd hebben we nog geen ervaringen te delen.