Zelfbestuivend, één cultivar of mispelboom is dus voldoende voor bestuiving. Echter is er altijd betere bestuiving als er kruisbestuiving kan plaatsvinden.
Historie: ‘Monstrueuse d’Evreinoff’ is een Franse cultivar die in 1941 werd ontdekt door de botanicus V.A. Evreinoff in de omgeving van Montauban, in de regio Tarn-et-Garonne. De naam verwijst zowel naar de uitzonderlijke vruchtgrootte (“Monstrueuse”) als naar de ontdekker. Het ras ontstond vermoedelijk als een toevallige zaailing die opviel door zijn extreme eigenschappen en werd nadien verder verspreid via gespecialiseerde kwekerijen en collecties.
Vorm: De boom groeit krachtig en vormt een brede, vrij open kroon met een wat onregelmatige structuur. Hij heeft meer ruimte nodig dan compactere rassen en komt het best tot zijn recht als solitaire boom. Voor een goede en regelmatige vruchtzetting is kruisbestuiving aan te raden.
Vruchten: De vruchten zijn uitzonderlijk groot, tot ongeveer 7 cm en circa 60 gram, en behoren tot de grootste binnen de soort. Ze zijn vaak afgeplat en kunnen wat variabel of onregelmatig van vorm zijn. In vergelijking met ‘Macrocarpa’ zijn ze doorgaans nog iets groter, maar minder uniform. De smaak is goed en evenwichtig zoetzuur, maar minder intens en verfijnd dan bij kleinere rassen zoals ‘Délice des Vannes’. De nadruk ligt duidelijk op formaat en opvallendheid.
Rijptijd: Vroeg tot middenseizoen. Dit ras valt op doordat het vaak eerder rijpt dan de meeste andere mispels, soms al vanaf september–oktober, en daarmee het seizoen opent.